De pop gebruiken binnen leersituaties

Een veelzijdige en goed bruikbare pop is niet zozeer een verhalenverteller maar vooral een individuutje.  Hij ontdekt, onderzoekt, gaat nieuwe dingen aan, draagt zijn eigen leervragen aan,  heeft emoties/gevoelens, een eigen mening/stem, durft sterke maar ook zwakke punten te laten zien en is vooral autonoom. De pop praat in de ik-vorm en wil graag dat er mét hem gepraat i.p.v. over hem. Door de pop te laten zijn zoals de kinderen waar je mee werkt zullen kinderen zich in hem herkennen en komt hij geloofwaardig over.

Activiteiten en gebieden waar de pop bij ingezet zou kunnen zetten zijn:

  • Kringactiviteit
  • Thema-activiteit
  • Taal
  • Lezen
  • Vertellen
  • Luisteren
  • Rekenen
  • Begripskennis
  • Natuur
  • Godsdienst
  • Muziek
  • Zingen
  • Dans
  • Beweging
  • Schrijven
  • Verkeer
  • Letters
  • Cijfers
  • Verjaardag
  • Boeken
  • Wereldoriëntatie
  • Creativiteit
  • SEO
  • Gedrag
  • Weerbaarheid
  • Afscheid nemen
  • Gericht spel
  • Werkhouding
  • Concentratie
  • Hoekenwerk
  • Samenwerking
  • Zelfredzaamheid
  • Werkles
  • Vrij werken
  • Werken volgens opdracht
  • Instructie
  • Conflicten
  • Individuele begeleiding
  • Welkom heten
  • etc.

Een activiteit die via de pop wordt aangeboden hoeft niet anders te zijn dan de activiteit zoals je hem zelf zou aanbieden. Het enige verschil is dat de kinderen de indruk hebben dat ze door de pop aan de hand worden meegenomen en makkelijker meedoen. Een activiteit voorbereiden waarin de pop een rol speelt is dus in principe hetzelfde als een activiteit voorbereiden die je zelf geeft. Er is wel een verschil in taalgebruik, de pop blijft een kind onder de kinderen en heeft dus ook een wat ander taalgebruik dan jij als volwassene.

De kring is de meest voor de hand liggende situatie waarbij je de pop in kunt zetten. Iedere kring leent zich daarvoor, ook thema- of leerkringen. Bij een vertelkring kan ook de pop zijn/haar verhaal willen delen. Bij een themakring kan de pop een nieuw thema introduceren aan de hand van ervaringen die hij/ze zelf heeft opgedaan of dingen die hij/ze zich afvraagt/heeft gezien. Bij een leerkring kan de pop zijn/haar eigen leervraag als introductie op een activiteit inzetten of de leervraag omzetten in een spelletje. De kunst van het werken met een handpop is niet zozeer het bedenken van verhalen, maar vooral het bedenken van introductiezinnen, vragen en invalshoeken die de kinderen zullen prikkelen tot deelname en interactie. De introductiezin zorgt dat de activiteit in gang gezet wordt, de vragen geven de activiteit diepgang en richting.

Wanneer je de pop een koffertje geeft waarin je de materialen die je tijdens de activiteit wilt gebruiken verzamelt, blijft elke activiteit uitdagend. Wanneer de inhoud van dat koffertje steeds verandert, blijft het een verrassing wat er dit keer uit tevoorschijn komt. Werken met concrete materialen werkt heel goed om de aandacht te krijgen en vast te houden en daarom is het slim om van te voren na te denken over de inhoud van dat koffertje.

Je eigen voorbereiding + de zorgvuldig gekozen inhoud van de koffer of materialen zijn het kader van elke activiteit. De functie van de pop tijdens de activiteit is vooral stimulerendondersteunenduitdagend en activerend; zodra de activiteit stil valt of een wending neemt die je niet wenselijk vindt kun je de pop gebruiken om terug te keren naar het onderwerp. Natuurlijk kun je er ook voor kiezen dit niet te doen wanneer er tijdens de activiteit dingen gebeuren of boven tafel komen die je ook waardevol vindt en voorrang wilt verlenen.

Voorbeelden van vragen die de pop kan stellen om kinderen te betrekken bij een activiteit zijn:

  • heb jij dat ook?
  • ken je dat?
  • kun jij dat ook?
  • hoe zou jij dat doen?
  • etc.

Of hij  nodigt kinderen uit meer te vertellen door zinnen als:

  • och, echt waar?
  • en toen?
  • wat heb je toen gedaan?
  • dat is best spannend hè?
  • ik ben blij dat ik dat nu weet van jou!
  • dat heb ik ook wel eens, da’s rot hè?
  • etc.

Eigenlijk zijn er maar weinig activiteiten waarin een handpop geen rol kan krijgen. Mijn ervaring is dat kinderen vooral op een handpop uitgekeken raken als die voorspelbaar wordt, gebruikt wordt als een opvoeder en zelden met nieuwe inhoud komt. Wanneer je ervoor zorgt dat de pop meedraait met thema’s en onderwerpen zoals die in de groep worden aangeboden, met eigen plannetjes, invalshoeken en vragen komt, wordt hij zelden saai gevonden. Daar zit ligt dus je uitdaging!

Tot een volgend blog

Helen

Wil je meer van dit soort berichten lezen? Abonneer je dan op mijn mailings en je krijgt nieuwe berichten automatisch in je mailbox.

Ja, dat wil ik wel 🙂

2020-03-03T15:53:24+01:00

Over de auteur:

Ik werk ruim 25 jaar met handpoppen als hulpmiddel en zie nog steeds nieuwe mogelijkheden en invalshoeken ontstaan. Voor mij is het vooral logisch om een handpop te betrekken in mijn pedagogisch denken en handelen omdat ik via de handpop zo makkelijk de aandacht van kinderen krijg en vast kan houden. Ik werk het liefst met JaNee, zij en ik zijn in de loop van de jaren een (h)echt team geworden waarmee ik al mijn ideëen rondom het werken met de pop letterlijk handen en voeten kan geven en kan demonstreren.